Zeg ja tegen verlangen….


Wanneer je een schip wilt gaan bouwen

breng dan geen mensen bijeen

om timmerhout te sjouwen

of te tekenen alleen



voorkom dat ze taken ontvangen

deel evenmin plannen mee

maar leer eerst mensen verlangen

naar de eindeloze zee



(Anthoine de Saint-Exupéry)




Stel: Je had onbeperkte middelen, had alle coaching-tools die er waren tot je beschikking en wist feilloos de juiste toon te treffen. Iedereen werd wild enthousiast van alles wat jij inzet en gaat daar meteen en voor de volle honderd procent mee aan de slag. Je had de tijd van de wereld en de fase van jezelf tegenkomen lag al lang achter je… Kortom, er waren geen belemmerende factoren. Geen maren die je plannen dwarsboomden. Alles was mogelijk!

Wat dan? Wat ging je dan doen? Hoe zou jij invulling geven aan je rol als pedagogisch coach? Wat zou er veranderen in je opvang? Hoe zouden de mensen gaan functioneren waarin je investeert? Met andere woorden: Waar droom jij eigenlijk van?

Pedagogisch coach word je niet omdat het nou toevallig een leuke carrière-move is. Lang niet iedereen ambieert die baan en echt niet iedereen staat te springen om de rol van coach op zich nemen binnen zijn/haar organisatie. Het is niet niks, een coachtraject aan te gaan met mensen die min of meer verplicht coaching ontvangen. Ergens botst dat met het basis-uitgangspunt van coaching: de intrinsieke motivatie van de coachee om zelf te willen leren, waar jij op in speelt. Met dit uitgangspunt onderscheidt een coach zich dan ook wezenlijk van bijvoorbeeld de leidinggevende of trainer. Een coachee zonder intrinsiek coachdoel zal zich echt niet zomaar gaan inzetten voor dit traject. En als coach ben je juist vanwege dit uitgangspunt, beperkt in je middelen om iemand tot actie aan te zetten. Een behoorlijke uitdaging dus. Die jij dus aangaat…

Maar waarom??? Waarom wil jij dit? Waarschijnlijk omdat je ergens in gelooft. Ergens naar verlangt. Jij wilt iets helpen ontwikkelen, zien groeien, mooier worden. Kinderen, pedagogisch medewerksters, een opvang. Noem maar op. Je ziet het voor je. En je denkt daar een waardevolle bijdrage aan te kunnen leveren. Klopt, toch? Het maakt dat je gewoon maar in het diepe springt. De uitdaging aangaat. Bereid bent onverwachte, en soms ook pijnlijke, hindernissen te nemen. Te vallen en weer op te staan. Waarom? Omdat je een droom hebt, een missie, een doel. Jij hebt een intrinsieke motivatie die je helpt door te zetten waar een ander lekker naar huis gaat.

De valkuil is dan ook groot, meteen jouw plaatje uit te tekenen voor de mensen om je heen. Toe te lichten hoe je dat het beste kunt doen met elkaar. Want zeg nou zelf. Hoe verleidelijk is het om vol enthousiasme de ander te vertellen dat zij, wanneer ze jouw tips en adviezen opvolgen, mee werken om dit mooie plaatje neer te zetten. En hoe teleurstellend is het dan wanneer het maar niet van de grond komt. Je collega het maar niet lijkt op te pakken. In de weerstand schiet. Zit je dan met al je enthousiasme en je visie. Wat nu?

Eigenlijk is het heel simpel. Adviezen en tips, hoe goed onderbouwd ook, hebben geen meerwaarde als de ander de vraag zelf niet heeft. Als coach begin je dan ook helemaal vooraan. Bij de motivatie van de coachee om ooit pedagogisch medewerkster te willen worden. Laat alle moet-dingen wegvallen voor de ander en vraag naar de essentie van haar werkdrive. Wakker het vuurtje aan dat wellicht door regels en wetgeving steeds meer dooft. Daag uit tot dromen, maak verlangend. Alles wat daar tussen in zit komt dan vanzelf een keer aan bod.

Inzet van de droomvraag:
Je kunt een eerste coachgesprek heel goed beginnen met een droom-vraag.
Een paar voorbeeldvragen zijn:
– wat als je onbeperkt geld, tijd en middelen had?
– wat zou er gebeuren als jij perfect functioneerde?
– wat als er geen wet en regelgeving was, hoe zou je opvang er dan uitzien?
Laat de ander de gewenste situatie beschrijven alsof het een foto is waar je samen naar kijkt. Vraag wat de coachee ziet op dat plaatje.
Bewaak het gesprek goed. Wanneer het neigt naar wat de ander gaat doen om dit voor elkaar te krijgen, benoem dat dan. Daarmee help je de ander er van een afstandje naar te blijven kijken in plaats van meteen ook in te zoemen op de mitsen en maren. Neem hier de tijd voor. Ga vooral lekker luisteren en nieuwsgierig zijn.
Zolang de coachee nog niet begint te glimmen van wat ze beschrijft is ze waarschijnlijk nog niet bij de essentie. Vragen als: O…?! Vertel..?  En dan…? Stimuleren de ander tot een specifiekere omschrijving waardoor het steeds meer haar eigen plaatje wordt.
Maak er een gedetailleerde foto van. Hoe duidelijker het plaatje voor jullie beiden is, hoe beter je gedurende het coachtraject de goede vragen kunt stellen. Een goed uitgangspunt voor een coachtraject.

Over Carolien van Duijn

Ik ben werkzaam als pedagogisch coach, schrijf mee aan hét handboek voor de pedagogisch coach en heb onlangs mijn eigen blog-site opgericht.
Naast deze betaalde job ben ik ook de trotse eigenaar van een never-ending huishouden plus kitten. En bovendien moeder van drie kids, ergens tussen de 10 en 20 jaar.
Met mijn blogs wil ik jou, pedagogisch coach, handvaten geven en je uitdagen jezelf zo in te zetten dat zowel het kind als de medewerker waar jij mee werkt het beste van zichzelf kan laten zien en ontdekt wat er nog meer mogelijk is.

Gerelateerde berichten