Net als de voorgaande twee jaar is er ook dit jaar, op 16 mei de ‘Dag van de Groene Kinderopvang’. Deze dag, inmiddels een terugkerende traditie, wordt gehouden op de 3de dinsdag in mei. Er wordt op deze dag extra aandacht gegeven aan groene activiteiten in de kinderopvang, gastouderopvang en, nieuw in 2017, ook de peuterspeelzalen. Dit vanuit de wens om de opvang te “vergroenen”. Dit “vergroenen” moet je ruim zien, het gaat naast het kennismaken met natuur (ook in de stad) om een ander belangrijk thema en dat is bewegen en buitenspelen. Dit sluit mooi aan bij het onderwerp van deze blog “risicovol spelen”.

Risico’s leren inschatten

31 maart 2017 lanceerde VeiligheidNL, het expertisecentrum voor veilig opgroeien, de campagne “Met een beetje risico komen ze er wel.” Hieruit blijkt dat VeiligheidNL vooral gevaar ziet in overbescherming van het kind en de voordelen van risicovol spelen onderstreept.
Volgens VeiligheidNL worden onze kinderen teveel beschermd tegen risico’s, tijdens het spelen. De boodschap luidt dan ook: laat kinderen vanaf vijf jaar meer risicovol spelen. Dit is namelijk belangrijk, omdat je zo als kind en mens risico’s leert inschatten, het je zelfredzaam vergroot en je op deze manier aan je zelfvertrouwen bouwt.
De term risicovol spelen is bedacht in Noorwegen, door pedagoog Sandseter. Als je je kind teveel wil beschermen tijdens het spelen, heeft dat een nadelig effect op een kind. VeiligheidNL zegt daarover: “Vroeger was het vrij gewoon dat kinderen in bomen klommen, op geheime plekken speelden of hutten bouwden in de bosjes. Tegenwoordig zijn de mogelijkheden daarvoor voor kinderen veel beperkter, niet in de laatste plaats omdat we kinderen willen beschermen tegen risico’s.”

Advertentie

Enthousiaste pedagogisch medewerker Enthousiaste pedagogisch medewerker Kom jij het team van onze kleinschalige huiselijke natuurgerichte kinderopvang ondersteunen. We hebben een kinderdagverblijf met horizontale groepen en een BSO. Als vast teamlid ben je flexibel inzetbaar in de gehele organisatie als onze Steun Teun. Je werkt op wisselende MEER INFO ALLE VACATURES Amersfoort - Vathorst


Voor mij is de campagne uit het hart gegrepen, ik roep al jaren dat de wereld van kinderen niet geplaveid moet zijn met rubber tegels. Voor de goede orde, ik pleit niet voor gevaarlijk spelen. Bij gevaarlijk spelen bestaat er een rechtstreekse dreiging waar je, in dit geval als kind, geen controle mogelijkheid hebt. Bij risicovol spelen kun je als kind het spel beïnvloeden en keuzes maken. Bij risicovol spelen gaan kinderen aan de slag met spannende, uitdagende en avontuurlijke activiteiten, waarbij er een kans bestaat op een (kleine) verwonding. Als voorbeeld bij het glijden van een (natuurlijke) glijbaan kun je nog sneller gaan wanneer je op een jute zak gaat zitten of wanneer je op je buik gaat liggen en je met je armen eerst naar beneden gaat, hierbij experimenteer je met snelheid. Gevaar is wanneer je van een hoogte ongecontroleerd naar beneden glijdt en je geen controle hebt over de snelheid of hoogte.

Ook is er een verschil tussen gevaar en risico tussen de verschillende leeftijdsgroepen van kinderen. Dit verandert naarmate kinderen ouder worden en zich verder ontwikkelen. Zijn lucifers voor kinderen van 4 een gevaar, voor kinderen van 9 vormen ze een risico.
Tussen kinderen onderling bestaat er ook een verschil tussen gevaarlijk en risicovol spelen. Wat voor het ene kind een gevaar is, vormt voor het andere kind een risico. Zelf weet ik dat ik als schoolgaand kind letterlijk klamme handen kreeg bij de gymoefening “over het hoge klimrek gaan”. Liever had ik die oefening niet gedaan, de ringen vond ik veel leuker. Wat ik ermee wil zeggen is dat kinderen vaak zelf aanvoelen wat ze wel en niet leuk vinden en wat ze dus aankunnen.

Vrij spelen

Voor mij zijn “risicovol spelen” en “vrij spelen” nauw met elkaar verbonden. Vrij spel gaat helemaal van kinderen zelf uit, het is spontaan spelen zonder de bemoeienis van volwassenen. Psychologe Louise Berkhout promoveerde in 2012 aan de universiteit van Groningen op onderzoek naar vrij spel. Ouders kunnen het niet laten om zich met het spel van hun kind te bemoeien, zegt ze. Ze zien spel als iets waar kinderen van moeten leren: ‘Hoeveel blokken heb je gestapeld?’ Of ze denken dat ze hun kind moeten vermaken. Ik zelf herken mij als ouder hier ook in, ik verbond spelen aan opvoedkundige taken, terwijl spelen al leren is voor het kind.
Ieder kind zou minstens twee tot drie uur per dag vrij moeten spelen, bepleit Berkhout. Binnen, maar ook buiten. “Laat ze zelf hun weg vinden. Wie durft in die boom te klimmen? En, als hulp dan toch nodig is, welk kind kan daarbij helpen? Van die ervaringen leren ze meer dan door alles voor te kauwen.” Minder controledrang van ouders maakt buitenspelen ook een stuk aantrekkelijker, denkt ze. Berkhout: “Avonturen beleven maakt kinderen blij.” Vrij spelen, binnen en buiten, is daarmee een randvoorwaarde voor risicovol spelen.
In onze samenleving en zeker in de kinderopvang hebben we, ook vanuit alle wetten en regels van bijvoorbeeld de GGD, de neiging om risico’s vooral als negatief te beschouwen die we zoveel mogelijk willen vermijden. De kunst is nu om een goede balans tussen aan de ene kant de uitdaging die nodig is voor de ontwikkeling van de kinderen en anderzijds de bescherming van kinderen tegen gevaarlijke situaties.

Vragen en dillema’s kinderopvang

Hoe doe je dat in de kinderopvang, hoe bescherm je als pedagogisch medewerker het kind tegen gevaren, zonder (alle) risico’s weg te nemen? Voorwaarde is dat de pedagogisch medewerker het kind moet kennen en dat je kennis moet hebben van de vaardigheden van de leeftijdsgroep van het kind. Met andere woorden, je moet als pedagogisch medewerker de risico’s kunnen inschatten van de groep en van het kind afzonderlijk.
Ook de omgeving van de kinderopvang speelt een rol. In hoeverre is de buitenruimte geschikt voor risicovol spelen? Is het beleid afgestemd op risicovol spelen? Wat vinden pedagogisch medewerkers van risicovol spelen en hebben ze genoeg kennis in huis? En, last but not least: wat vinden de ouders ervan? Hoe communiceer je naar de GGD? Vragen waar je mee te maken krijgt wanneer je risicovol spelen in de armen sluit als onderdeel van het pedagogisch beleid.
Een mooi voorbeeld waar risicovol en vrij spelen mogelijk is heb ik gezien tijdens een controlebezoek van het “Kwaliteitsmerk Groene Kinderopvang” van Stichting Groen Cement bij de natuurlijke en groene kinderopvanglocatie Lisa DAK Kindercentrum in Den Haag. Hier vonden we een wilgenhut, boomstammen over een waterpartij voor de grotere kinderen en veel losse natuurlijke materialen. Heel veel mogelijkheden om risicovol en vrij te spelen. Dit alles met juichende goedkeuring van de ouders en in goede harmonie met de GGD. Het kan dus wel.


Veiigheid.NL onderscheid 6 soorten van risicovol spelen:

  • Spelen met gevaarlijke voorwerpen
  • Spelen met snelheid
  • Spelen op hoogte
  • Spelen uit zicht
  • Trek en duwspelen (stoeien)
  • Spelen op gevaarlijke plekken

Ik denk dat alles kan, behalve “spelen uit zicht” omdat we in de opvang te maken hebben met het 4-ogen principe.

Wanneer moet je actie ondernemen?

Een goede manier om risicovol spelen praktisch in te vullen is door gebruik te maken van de interventieladder van Lindon. De kunst is het kind vrij te laten in zijn of haar spel en in te grijpen bij een onaanvaardbaar risico.
Hierbij pas je risico management toe. Vragen die je hierbij stelt zijn:
Wanneer moet je actie ondernemen?
Is er wel een goed reden voor ingrijpen, doen we dat niet uit gewoonte?
Op wat voor soort manier moet ik ingrijpen?
De interventieladder bestaat uit de volgende mate van ingrijpen van niets doen tot ingrijpen:
1. Kinderen kunnen het alleen.
2. Laat het de kinderen eerst uitzoeken / handen over elkaar.
3. Let bewust op / houd een oogje in het zeil.
4. Laat kinderen het zelf bedenken.
5. Laat kinderen de keus.
6. Stimuleer kinderen.
7. Opper iets.
8. Geef uitleg.
9. Help de kinderen.
10. Doe het voor.
11. Bemoei je ermee / doe het voor de kinderen.
12. Stuur de activiteit.
13. Grijp in.
Ik wens iedereen veel succes bij het denken over en invoeren van van risicovol en vrij spelen.

Over Sonja Akkerman

Sonja Akkerman, coördinator Dag van de Groene Kinderopvang en eigenaar van D3i bureau voor advies, training en coaching.

Bekijk mijn website

Gerelateerde berichten